Nachtegaal

De nachtegaal leidt een geheimzinnig leven. Zoals zijn naam al aangeeft is hij vooral ’s nachts actief. Dan zingt een mannetje onderin een struik om een vrouwtje te verleiden. De vrouwtjes zoeken vooral ’s nachts tussen twaalf en vier naar een man. De mannetjes die ’s ochtends vroeg zingen, doen dat vooral om de buurman op afstand te houden. Onderzoek wees uit dat mannetjes met de meest complexe zang vroeger in het jaar uit de overwinteringsgebieden aankomen en ook groter en zwaarder zijn dan mindere zangers en tragere trekkers. Waarschijnlijk zijn zij ook betere vaders. Een vrouwtje hoeft dus alleen maar goed te luisteren om de beste vader voor haar kinderen te kiezen.

Bron: Naturalis/VOFF – Natuurwidget  Tekst: Guido Keijl (Naturalis)

 

Foto Mark Kras Staatsbosbeheer

Nachtegaal- foto Mark Kras Staatsbosbeheer

 

De Natuurwidget van Naturalis en VOFF is te installeren op Apple computers en geeft dagelijks natuurfoto en een stukje achtergrondinformatie over een soort in Nederland.

Geplaatst in Waarnemingen van de boswachters | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Masterclass muurschilderen

Staatsbosbeheer en Stichting Kunst in Duin zoeken jonge kunstenaars (12-18 jaar)

Op donderdag en vrijdag 27 en 28 juni geeft kunstenaar Joost Konings tijdens de kunstmarkt op het Vuurtorenplein een masterclass muurschilderen aan 8 jonge kunstenaars uit de regio Noordwijk.

De beste ontwerpen worden nog diezelfde dagen op de muur die de entree vormt naar het Kunst in Duin festival vormt Masterclass geschilderd.

Ben jij één van die jonge kunstenaars?

Laat dan zien dat je kunt schilderen en stuur je korte motivatie voor maandag 4 juni naar:
m.kras@staatsbosbeheer.nl

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Ontmoetingen met dieren – De egel

Als boswachter heb je veel met mensen te maken maar natuurlijk kom je ook in aanraking met dieren. Ontmoetingen met dieren zijn vaak leuk maar niet altijd.

Komende tijd schrijft boswachter Thomas Peek over een paar van deze ontmoetingen.

De egel
Tijdens een wandeling door de Ganzenhoek, zag ik tot mijn verbazing dat er een egel langs het wandelpad liep die druk in de weer was met het zoeken naar voedsel. Nu kom ik weleens vaker een egel in het bos tegen dus daar keek ik niet zo van op, maar het moment waarop het deze keer gebeurde was wel bijzonder.

Het is namelijk winter en dit houdt in dat het voor veel dieren een zware en lastige periode is. Er is minder licht, het is minder warm én er is minder voedsel te vinden, kortom; je energie moet je zo efficiënt gebruiken. Een aantal diersoorten heeft hier wat op bedacht. Zo overwinteren veel vogels niet hier maar in het warmere zuiden, daar is namelijk voldoende voedsel te vinden én de temperatuur is er een stuk aangenamer. Ook zijn er dieren die hun energieverbruik op een zeer laag pitje zetten, waardoor zij al slapend de winter doorbrengen. Dieren die een winterslaap houden zijn veelal kleine dieren die in de winter geen voedsel kunnen vinden, denk aan insecten- en vruchteneters. Een andere rede om de winter al slapend door te brengen heeft te maken met het lichaamsformaat. Een klein dier koelt sneller af dan een groot dier. Door zo min mogelijk te bewegen verspil je de minste energie en hoef je minder snel op zoek te gaan naar voedsel en kun je de energie gebruiken om je lichaamstemperatuur te regelen.

Dieren die een winterslaap houden zijn o.a., padden, kikkers, zandhagedissen, vleermuizen maar ook…… egels.

Een dier komt alleen uit haar winterslaap als de temperatuur weer aangenamer wordt, dus in het voorjaar óf als ze tijdens hun slaap verstoord worden.

Blijkbaar was dit laatste ook bij de egel het geval en was deze wakker geworden uit zijn diepe slaap. Hij merkte aan de temperatuur dat het geen winter meer was (het leek de tijd vlak voor de ontmoeting wel voorjaar) en ging dus op zoek naar voedsel om zijn energie weer op peil te brengen.

En toen kwam daar de boswachter en die dacht bij zichzelf; hé wat leuk een egel, hé wat minder leuk want hij hoort eigenlijk in een diepe slaap te zijn en is dus waarschijnlijk verstoord. De Ganzenhoek is een drukbezocht recreatiebos aan de Wassenaarseslag en hier worden ook veel honden uitgelaten. De combinatie van veel honden en een ontwaakte egel leek mij voor de betreffende egel geen goed idee. Even een belletje naar boswachter Jan, die het diertje toen gevangen heeft en met de auto meegenomen naar een ruste plek in het bos waar veel bladeren liggen. Hier kon de egel verder gaan met voedsel zoeken en mocht de temperatuur gaan zakken dan kon hij snel weer tussen de bladeren duiken om daar verder te gaan met zijn winterslaap.

20120214-075536.jpg

Geplaatst in Berichten uit Hollands Duin, Waarnemingen van de boswachters | Tags: , , , , , , | 2 reacties

Angstaanjagende kreten in het duin én blije kinderen in de bibliotheek?.

Enge geluiden;
In december en januari kan je tijdens een vroege ochtendwandeling of een late avondwandeling in het duin angstaanjagende geluiden horen, geluiden die je kippenvel kunnen bezorgen. Deze geluiden doen denken aan bijvoorbeeld een enge scène in het bos van een griezelfilm.

Maar wees gerust…….

Het is namelijk de bosuil die in deze periode op zoek is naar een partner.
Met een schril “oehoeoehoe” geluid roept het mannetje vanaf zijn roestplek. Vaak een wat beschutte tak of een holte in een boom is. Hij hoopt dat het geroep beantwoord wordt met het ijzig gekrijs van het vrouwtje.

Zodra ze elkaar de liefde hebben bewezen, begint het broeden. Dit kan al in februari plaats vinden. De bosuil legt 3 tot 4 eieren, die veel weg hebben van pingpongballetjes. Het nest is veelal in een boomholte maar ze maken ook dankbaar gebruik van een uilennestkast, vooral handig omdat bomen met holtes nogal schaars zijn.
Na ongeveer 28 á 30 dagen komen de eieren uit en begint er een drukke periode voor het mannetje. Het voedsel moet worden aangeleverd voor de jongen. De jacht naar prooidieren vindt ‘s nachts plaats en het menu bestaat voornamelijk uit muizen, kikkers, padden en kleine vogeltjes.

20120120-165507.jpg

Bosuil (Strix aluco) -gevangenschap- foto Mark kras

Net zoals bij andere uilen heeft de bosuil een breed afgeplat gezicht waarin de ogen naar voren staan gericht. Door deze stand van de ogen kunnen ze nauwkeurig afstanden inschatten en ook door de grootte van de ogen kunnen ze in het donker optimaal gebruik maken van bijvoorbeeld het maanlicht. Iets wat minder goed opvalt maar eveneens net zo belangrijk is, is het formaat van de oren. De bosuil heeft relatief grote oren die ervoor zorgen dat ze een uitstekend gehoor hebben, dit tezamen maakt het dier gespecialiseerd als nachtelijke jager.

Na ongeveer 5 weken en vele prooidieren later, verlaten de jongen het nest en zijn ze vaak terug te vinden op een tak in de buurt van het nest. Hierdoor worden ze ook wel “takkelingen” genoemd. Hierop volgend blijven ze nog ongeveer 3 maanden in buurt van hun ouders, maar ze moeten ze wel zelf aan voedsel zien te komen. Als ‘takkeling’ zijn de jonge uilen nogal makkelijke prooien voor bijvoorbeeld de havik.

20120120-165548.jpg

Bosuil (Strix aluco) ‘Takkeling’ foto Mark Kras

In Hollands Duin komen verschillende soorten uilen voor. In het duingebied leven voornamelijk de Bosuil en de Ransuil, maar ook de Velduil kom je er tegen tijdens de vogeltrek. De Steenuil komt voornamelijk in de polders voor maar ook de Kerkuil word hier steeds vaker gezien.

20120120-165631.jpg

Ransuil (Asio otus) foto Mark Kras

Blije kinderen
In deze periode is het ook weer tijd voor de Nationale Voorleesdagen en toevallig gaat dit jaar het verhaal in de bibliotheek van Wassenaar over een uil. Er wordt voorgelezen uit het boek: ‘Mama kwijt!’ . Het boek gaat over een babyuiltje (uilskuiken) die al slapend uit het nest valt en hierdoor zijn mama kwijt raakt. Gelukkig komt het uiltje in het bos een behulpzame eekhoorn tegen die wel wil helpen met zoeken, maar dan moet het uiltje wel de juiste aanwijzingen geven. Zo komt het tweetal eerst bij een beer (groot formaat), een haas (grote oren) en een kikker (grote ogen) terecht Gelukkig weten ze met behulp van de kikker het uiltje weer te herenigen met zijn moeder.

Aanleiding voor de bibliotheek Wassenaar-Voorschoten om boswachter Thomas Peek uit te nodigen om de voorleesgroep wat meer te komen vertellen over uilen. Binnen 3 tellen waren ongeveer 40 kinderen één en al oor toen er 3 opgezette uilen en een doos vol uilenbraakballen tevoorschijn kwamen. Want niets is immers zo verrassend als de hoeveelheid en de diversiteit aan botjes die er uit een braakbal kunnen komen. Zo troffen we ratten-, muizen-, vogel- en zelfs botten van een mol aan.20120120-165722.jpg

Braakbal van een kerkuil (Tyto alba) met restanten van een mol (Talpa europaea), foto Mark Kras

Na afloop van het pluizen, kregen de kinderen een uilenkleurplaat mee voor thuis en mochten ze met de opgezette uilen op de foto.
Het was een groot succes en vanochtend kwam er naar aanleiding van deze activiteit, een reservering voor boswachter Thomas om het op een school nog eens dunnetjes over te doen.

(meer info en geluid op www.vogelbescherming.nl)

Geplaatst in Berichten uit Hollands Duin | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Drieteenmeeuw is geen stormmeeuw

Daar ligt ie dan. Zomaar langs het raster van Coepelduijnen. Uitgeput van het vechten tegen de storm heeft deze Drieteenmeeuw zijn laatste rustplaats gevonden in Hollands Duin. En daar werd hij gevonden door boswachter Thomas Peek

Meestal vinden we dit soort gestrande dieren niet. Vossen, kraaien en andere meeuwen zijn er als de kippen bij om deze variatie in het menu te benutten. Maar als we dan toch het geluk hebben om een gaaf exemplaar te vinden is dat een prachtige gelegenheid om zo’n Drieteenmeeuw eens goed te bekijken.

20120110-125734.jpg

Zo is goed te zien waar zijn naam vandaan komt. Hij heeft maar drie tenen. En mist dus in vergelijking met de meeste andere vogels de achterteen.

20120110-125751.jpg

En dat is opmerkelijk want als je ziet waar een Drieteenmeeuw gewoonlijk aan land komt. Zou zo’n achterteen dan niet handig zijn om je vast te houden aan de rotswand?

20120110-125805.jpg

Drieteenmeeuwen zijn echte zeemeeuwen. Ze komen eigenlijk vooral aan land om te broeden op rotskusten. Omdat het goede vliegers zijn kunnen ze in tegenstelling tot alken, papegaaiduikers en zeekoeten ook op de lagere kliffen broeden. Die laatste hebben namelijk meer moeite om óp te vliegen. Zij laten zich eerst een stukje vallen voor ze wegvliegen. In Nederland zien we de elegante Drieteenmeeuwtjes vooral in de winter aan onze kust.

20120110-125815.jpg

De jonge meeuwen hebben nog flink wat zwart in het kleed. In vlucht is een zwarte band te zien die in het engels het M-Mark wordt genoemd. Aan de zwarte nekband van de gestrande vogel is te zien dat ook dit een jong dier is.

Maar op hun mooist zijn Drieteenmeeuwen in volle vlucht scherend over de Noordzee.

20120110-125828.jpg

Hoe gaat het nu verder met de gevonden Drieteenmeeuw? Deze gaat naar een preperateur zodat er later nog door vele mensen van zijn schoonheid kan worden genoten.

Geplaatst in Waarnemingen van de boswachters | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

De vos op vrijerspad

In de maanden december en januari is de kans op een ontmoeting met een vos het grootst. In deze periode zit de vos namelijk in de ranstijd (paartijd). De rekels (mannetje) gaan dan op zoek naar een moertje (vrouwtje) en ze laten zich dan veelvuldig zien en vooral ook horen door luid te keffen.
Het moertje is 3 weken loops (vruchtbaar) en de rekel is ook alleen in deze maanden vruchtbaar.
Na een draagtijd van 52 / 53 dagen worden de jongen tussen maart en mei geboren, dit gebeurt meestal in een uitgegraven konijnenhol. Het aantal jongen varieert van 4 tot 6 maar kan soms ook meer zijn. Hoe groter het voedselaanbod (voornamelijk konijnen en muizen), hoe meer jongen groot gebracht kunnen worden.
De eerste weken worden de jongen door de moer gezoogd en zorgt de rekel voor het eten van de moervos. Pas na 10 á 14 dagen gaan de ogen van de jongen open.
En na ongeveer 5 á 6 weken gaan de jonge vossen buiten het hol spelen. Dan gaan ze ook langzamerhand over gaan op het eten van vast voedsel. Nu pas kunnen beide ouders dat voor hen vangen.
Naarmate dat de jongen groter worden gaan ze steeds verder van hun hol af en leren het jagen van hun ouders totdat ze zelfstandig zijn. In deze periode begint ook de paartijd weer en worden de jonge rekels door de oude rekels verjaagd. De jonge rekels moeten dan op zoek naar een eigen territorium.
Tijdens deze zoektocht sneuvelen er veel jonge vossen door o.a. voedselgebrek, gevechten met andere mannetjes en helaas ook door het verkeer.

Mocht u in de komende periode een “hoog klinkend gekef” horen of een donker rode schim uw pad zien kruisen, dan is de kans groot dat dit een rekel is. Op zoek naar een moertje. Houdt tijdens een wandel- of fietstocht in het Hollands Duin uw oren en ogen goed open voor een ontmoeting met een vos.

20120104-102522.jpg
De jongen zijn al flink groot en dus heeft deze moer even de tijd om te genieten van de zomerzon foto Mark Kras.

Geplaatst in Berichten uit Hollands Duin | Tags: , | Een reactie plaatsen

Naar de bliksem

Al jaren stonden zij gebroederlijk naast elkaar. De twee essen(Fraxinus excelsior)  naast het pad naar ons kantoor. Tot die ene nacht. Het was bar weer; regen, storm, donder én bliksem! De hoogste van het tweetal kreeg de volle laag.

De gevolgen van de blikseminslag bleken pas in het groeiseizoen. De boom kwijnde weg. Takken begonnen af te sterven. Langzaam ontstond er gevaar voor bezoekers aan de duinen. Ingrijpen werd noodzakelijk. Als natuurterrein beheerder heb je langs wegen en paden zorgplicht. De motorzaag werd geslepen en geolied.

Het vellen van een dergelijke boom moet zorgvuldig gebeuren. In zijn val mag hij immers niet onnodig veel schade aanrichten aan de bomen en struiken in zijn omgeving. Daarbij moet rekening worden gehouden met de wind en het zwaartepunt van de boom. En natuurlijk moeten omstanders op veilige afstand worden gehouden. Dit soort werk gebeurt dan ook nooit door één man alleen.

Een valkerf wordt gezaagd. Vervolgens wordt rondom de boom doorgezaagd. Een klein deel blijft verbonden.

Een windvlaag, een duw moet voldoende zijn om de boom om te laten gaan. Zo niet dan wordt een wig in de boom geslagen.

Tenslotte gebeurt het onvermijdelijke.

De gevelde boom wordt verwerkt tot brandhout. Alleen de dunnere takken en bladeren blijven achter. Het verdwijnen van de boom heeft voordelen voor de bomen en struiken die in zijn omgeving stonden. Plots komt er meer licht door het bladerdak. In het bos is ruimte ontstaan voor de kleinere meidoorns. En voor de es die jaren lang naast de gevelde boom stond. Hij zal hoger en breder kunnen doorgroeien.

Langs de hele Duinweg in Noordwijk zijn onlangs meerdere bomen op deze manier aangepakt. Soms moest een hele boom weg en andere keer kon worden volstaan met het wegzagen van gevaarlijk overhangende takken.

Geplaatst in Berichten uit Hollands Duin | Een reactie plaatsen